Home
  Weeshuis
  Nieuws  
  Donaties
  Acties
  Contact
  School
  Arba minch
  Jaarverslag 2009
  Bestuur
Tekstvak: Mengistu, Abraham en Tsehay
School
Ondersteuning Foundation
Ondanks dat de omstandigheden waarin de kinderen les krijgen niet te vergelijken zijn met de omstandigheden in Nederland , blijven we toch overtuigd van de ondersteuning die we aan de weeshuis kinderen geven. Het is in onze optie altijd nog vele malen beter naar een niet zo hoog gekwalificeerde school te gaan dan geen schoolopleiding te volgen .
We proberen dan ook met behulp van onze vrienden van het weeshuis elk jaar ongeveer 24 kinderen de mogelijkheid te bieden om een schoolopleiding te volgen.

Op dit moment missen we nog de financiële armslag om de 12 jongens die nog in het oude weeshuisgebouwtje wonen ook te ondersteunen.

Janny Resoort, Saskia Kloezeman en Hanny Abels hebben in maart 2009 de mogelijkheden voor een voortgezette opleiding voor de weeskinderen,  verkend.
 Zie verslag hiervan
 

 

 

 

 

 

 

 

Anna Mulder
Anna Mulder, PABO studente en vriend van Stephan Kreykamp, heeft samen met Stephan en op eigen kosten een bezoek gebracht aan Arba Minch mei 2007.

Anna heeft in het kader van haar opleiding een onderzoek gedaan op de lagere school waar de weeshuiskinderen lessen volgen.

 

Wilt u het gehele rapport inzien neem dan contact op met  Anna Mulder : anna.mulder@student.fontys.nl

 

 


 

Hieronder volgen enkele passages uit haar rapport:

Tijdens mijn vorige opleiding (Gedrag en Samenleving aan de UVA) heb ik het vak ‘Kinderen in ontwikkeling’ gevolgd. Tijdens deze module is onder andere het onderwijs in ontwikkelingslanden aan bod gekomen. Het beeld dat er geschetst werd, was zeker niet rooskleurig en er moest nog veel gaan gebeuren. Ik heb de literatuur behorende bij deze module weer opgezocht en ben zelfstandig een klein onderzoek gestart naar het onderwijs in Ethiopië, met als hoofdvraag:
Hoe wordt het lageronderwijs op een gemiddelde school in Ethiopië vormgegeven?En in hoeverre is hier, in vergelijking met de Nederlandse standaarden, sprake van kwaliteit in het onderwijs?

Onderwijs in ontwikkeling
In het afgelopen decennium is basisonderwijs van hoge prioriteit geweest bij regeringen en internationale organisaties, hoofdzakelijk omdat onderwijs een belangrijke bijdrage kan leveren aan het terugdringen van armoede in ontwikkelingslanden (Kadzamira, 2003). Onderzoek heeft aangetoond dat lager onderwijs belangrijk is voor de verbetering van de economische en landbouw productiviteit (Kadzamira, 2003). Verder heeft onderwijs, speciaal voor meisjes, een hoge correlatie met verbeteringen in gezondheid, en de afname van zwangerschappen, kindersterfte- en ziekte cijfers. Onderwijs wordt daarom gezien als economisch en sociaal wenselijk. Als gevolg hiervan zij er internationale doelen gesteld (beter bekent als de “Millenium Development Goals”) om universeel lager onderwijs (Universal Primary Education, UPE) in het jaar 2015 te bewerkstelligen. Onderwijs dat van goede kwaliteit is, wordt ook als een belangrijk middel gezien om een aantal andere doelen van de “Millenium Development Goals” te bereiken, zoals de extreme armoede en honger te halveren in het jaar 2015. Ondanks de aandacht voor het lager onderwijs, schieten velen landen in Afrika te kort in het doel voor het lager onderwijs voor alle kinderen te realiseren op zowel kwantitatief als op kwalitatief gebied (Kadzamira, 2003).
(Kwaliteit afhankelijk van de grootte van de klassen, het niveau van de leerkrachten, de accomodaties en de leermiddelen)

Ethiopië is arm, en dat merk je aan veel dingen om je heen. Alle kinderen die nog maar net kunnen lopen en een paar zinnen uit kunnen spreken weten al hoe ze je in het Engels om geld moeten vragen. Andere kinderen rennen een paar kilometer naast je auto mee, omdat ze zo graag een lege fles water willen hebben. De kinderen lopen allemaal in kapotte kleren en van hygiëne is heel weinig sprake in dit land. Logisch, de hele dag daar staat in het teken van overleven, eten halen, hout hakken en voor de kinderen zorgen. Er zijn ontzettend veel kinderen in Ethiopië. Veel van hen moeten hun ouders helpen en kunnen onder andere hierdoor niet naar school .

Onderwijs in Ethiopië (algemeen)
In Ethiopië bestaat een leerplicht voor kinderen van 7 tot 14 jaar. De basisschool duurt acht jaar, gevolgd door vier jaar middelbaar onderwijs. Hoger onderwijs is maar voor enkelen weggelegd. In klas 1 t/m 6 van de basisschool krijgen de leerlingen onder anderen de vakken Amhaars, Engels, algemene techniek, maatschappijleer, handvaardigheid, muziek en gym. In de klassen 7 en 8 komen er meerdere vakken bij, waaronder wiskunde, staatsbestel en biologie. Helaas gaat maar iets meer de helft van de kinderen naar school. De meisjes zijn hierbij in de minderheid. Een groot aantal kinderen valt het eerste jaar al uit.
De armoede speelt een grote rol. Kinderen hoeden het vee, sprokkelen hout, passen op de jongere kinderen en werken op het land. Daarbij zijn de afstanden op het platteland die afgelegd moeten worden om een school te bezoeken vaak te ver. Het onderwijs in Ethiopië is gratis, maar het uniform en het schrijfgerei moet wel zelf betaald worden. Gemiddeld zitten er 70 kinderen in een klas. Er wordt bij toerbeurt les gegeven: ’s morgens een groep (vooral bovenbouw) en ’s middags een andere groep (vooral onderbouw).